Bij een trap of een roltrap, moet altijd een alternatief (een lift of hellingbaan) aanwezig zijn. Vanaf een hoogteverschil groter dan 2 meter gaat de voorkeur uit naar een lift boven een hellingbaan.
Reizigers die niet zelfstandig met de trap het hoogteverschil kunnen overbruggen en hulpdiensten met een brancard, moeten gebruik kunnen maken van een lift.
In tabel 4.7 staan de richtlijnen voor liften op de halte.
Tabel 4.7. Liften
| Eis | Aspect | Richtlijn |
| 4.7.1 | Uitvoering |
|