Wegcategorieën
Een herkenbaar en continu wegbeeld en voorspelbare verkeerssituaties verlichten de rijtaak van de weggebruiker. Een middel om dit te bereiken is het totale netwerk van wegen in wegcategorieën in te delen. De wijze waarop functie, vormgeving en gebruik van een categorie op elkaar zijn afgestemd, is doorslaggevend voor de verkeersveiligheid en de kwaliteit van de verkeersafwikkeling (Basiscriteria).
Wegcategorie
Classificatie van een weg naar verkeersfunctie binnen het totale netwerk van wegen, die als zodanig voor de weggebruiker goed herkenbaar zijn.
De volgende drie functies worden onderscheiden (Basiscriteria):
- Stroomfunctie: een continue doorstroming van het verkeer met een maximale snelheid van 100 km/h. De stroomfunctie is vooral bedoeld voor het afwikkelen van het (doorgaande) verkeer over ruime afstanden.
- Gebiedsontsluitingsfunctie: wegen met een gebiedsontsluitingsfunctie vormen het ‘middenkader’ van ons wegsysteem. Alleen op kruispunten vindt uitwisseling van verkeer plaats, terwijl op de wegvakken tussen de kruispunten het verkeer (continu) doorstroomt (maximumsnelheid 80 km/h). Het is de verbindingsweg tussen:
- twee (niet aan elkaar grenzende) verblijfsgebieden; - een verblijfsgebied en een stroomweg. - Erftoegangsfunctie: wegen met een erftoegangsfunctie ontsluiten bijvoorbeeld de afzonderlijke woningen, kantoren, bedrijven, boerderijen, (sport)terreinen en landbouwpercelen in een gebied. Op de erftoegangsweg vindt zowel op wegvakken (erfaansluitingen) als op kruispunten uitwisseling van verkeer plaats.
De gebiedsontsluitingsweg vormt binnen het netwerk van wegen de verbindende schakel tussen (een verzameling) erftoegangswegen en de stroomwegen. Een weg met gebiedsontsluitingsfunctie faciliteert zowel het stromen (op de wegvakken) als het uitwisselen van verkeer (op de kruispunten). Bij de aan gebiedsontsluitingswegen te stellen eisen worden twee niveaus onderscheiden:
- functionele eisen;
- operationele eisen.
Functionele eisen
De functionele eisen hebben deels betrekking op het toekennen van functies aan wegen (het categoriseren van wegen) en deels op de inrichting daarvan. Alvorens met het ontwerp van een weg kan worden aangevangen, moet klip en klaar zijn welke functie die weg moet vervullen (Basiscriteria). Functionele eisen die vooral handvatten bieden voor de inrichting van de (gebiedsontsluitings) wegen zijn:
- wegcategorieën herkenbaar maken;
- aantal verkeersoplossingen beperken en uniformeren;
- conflicten vermijden of verzachten met tegemoetkomend verkeer bij hoge snelheden;
- conflicten vermijden of verzachten met kruisend en overstekend verkeer dan wel de snelheid reduceren op de potentiële conflictpunten;
- scheiden voertuigsoorten met grote snelheids- of massaverschillen;
- vermijden obstakels langs de rijbaan.
Operationele eisen
Uitgaande van de functionele eisen zijn voor gebiedsontsluitingswegen buiten de bebouwde kom de in tabel 2-1 opgenomen operationele eisen of algemene ontwerpuitgangspunten afgeleid. De essentiële kenmerken zijn van extra belang voor de herkenbaarheid van de gebiedsontsluitingsweg ten opzichte van de stroomweg en de erftoegangsweg. Deze kenmerken zijn uniek voor deze wegcategorie en moeten daarom altijd aanwezig zijn. Ten aanzien van de overige kenmerken is binnen zekere grenzen enige speelruimte mogelijk (afdeling Ontwerp).
Tabel 2-1. Operationele eisen voor gebiedsontsluitingswegen buiten de bebouwde kom (optimum)
| Criterium | Operationele eis |
|---|---|
| Essentiële kenmerken maximumsnelheid markering in lengterichting rijrichtingscheiding kruispunten | 80 km/h gedeeltelijk (onderbroken kantstreep) moeilijk overrijdbaar gelijkvloers met voorrang en snelheidsbeperkende maatregelen |
| Overige kenmerken rijbaanindeling erfaansluitingen oversteken openbaar vervoerhalten parkeren pechvoorziening obstakelafstand fietsers bromfietsers langzaam gemotoriseerd verkeer snelheidsbeperkende maatregelen | 2x1 of meer nee ongelijkvloers of bij kruispunten niet op rijbaan niet aanliggend in buitenberm en pechhavens middel (4,50 m tot 6,00 m) altijd gescheiden altijd gescheiden gescheiden gepaste maatregelen (op kruispunten) |
Voor gebiedsontsluitingswegen geldt in beginsel een maximumsnelheid van 80 km/h. Dit wil niet zeggen dat plaatselijk (discontinuïteit) een lagere snelheid kan worden ingesteld. Het essentiële kenmerk ‘moeilijk overrijdbare rijrichtingscheiding’ staat in direct verband met enkele andere ‘overige kenmerken’ te weten (paragrafen 8.4.2, 8.5.1.2 en 8.5.2):
- rijbaanindeling;
- afwikkeling langzaam gemotoriseerd verkeer;
- erfaansluitingen.