Heeft u vragen? U kunt ons ook bellen op tel: 0318-695315

Stroomwegen
Deze tekst is gepubliceerd op 04-10-11

Kosten

De kosten van openbare verlichting zijn onder te verdelen in aanlegkosten, onderhoudskosten en exploitatiekosten.
Aanlegkosten
Aanlegkosten zijn onder andere afhankelijk van de toegepaste onderdelen, elektrotechnische voorzieningen en de complexiteit van de installatie. Een openbare verlichtingsinstallatie wordt in het algemeen afgeschreven in een periode van 30 jaar.
Onderhoudskosten
Als vuistregel voor de afschrijving van onderdelen worden vaak de volgende richtlijnen gehanteerd:
  • lampen circa 3 jaar (afhankelijk van het aantal branduren, bij dimmen wordt een levensduur van 5 tot 6 jaar gehanteerd);
  • armaturen circa 15 jaar, mits zij periodiek worden schoongemaakt en eventueel gerepareerd;
  • lichtmasten circa 30 jaar (mits correct onderhouden);
  • elektrotechnische installatie circa 30 jaar (mits correct onderhouden).
Naast dergelijk periodiek onderhoud, is ook onderhoud op ad hoc basis nodig, bijvoorbeeld na aanrijdingen of vandalisme.
Exploitatiekosten (exclusief onderhoud)
De exploitatie kosten zijn onder te verdelen in:
  • benodigde inzet voor beheer en onderhoud (planning) van de openbare verlichtingsinstallatie;
  • kosten voor het energieverbruik.
Om de exploitatiekosten te minimaliseren kan het beheer en onderhoud van de openbare verlichtingsinstallatie gedeeltelijk worden geautomatiseerd. De kosten voor energiegebruik kunnen worden geminimaliseerd door het zo efficiënt mogelijk inrichten van de installatie en de openbare verlichting eventueel dynamisch aan of uit of naar een ander verlichtingsniveau te laten schakelen.