Markeringen als verkeerstekens
Verschillende markeringsvormen die kunnen voorkomen op stroomwegen hebben een wettelijke status en moeten als een verkeersteken worden aangemerkt. Deze zijn:
- Busbaan of busstrook: een rijbaan respectievelijk door doorgetrokken of onderbroken strepen gemarkeerd gedeelte van de rijbaan waarop het woord ‘bus’ is aangebracht. De busbaan of de busstrook mag slechts worden gebruikt door bestuurders van een lijnbus en het is verboden voertuigen te laten stilstaan op de rijbaan langs een busstrook.
- Haaientanden: voorrangsdriehoeken op het wegdek. Bestuurders moeten voorrang verlenen aan bestuurders op de te kruisen weg.
- Verdrijvingsvlak: gedeelte van de rijbaan waarop schuine strepen zijn aangebracht. Bestuurders mogen verdrijvingsvlakken niet gebruiken.
- Bij een doorgetrokken streep tussen twee rijstroken met verkeer in één richting mogen bestuurders de streep niet overschrijden, tenzij tussen de bestuurder en de doorgetrokken streep een onderbroken streep is aangebracht.
- Stopstreep: bestuurders moeten voor een voor hen bestemde stop streep stoppen, als stoppen op grond van het RVV verplicht is.