Soorten onderhoud
Wegen en kunstwerken zijn aan slijtage onderhevig en hebben daarom onderhoud nodig. Bij het plannen en uitvoeren van wegonderhoud maken wegbeheerders onderscheid tussen klein of vast onderhoud en groot of variabel onderhoud. Bij klein onderhoud draait het om het in stand houden van de weg terwijl groot onderhoud zich richt op het vernieuwen van de weg door onder andere hele stroken deklaag of voegovergangen te vervangen. Bij groot onderhoud wordt indien nodig ook de constructie versterkt. Om dit type onderhoud uit te kunnen voeren wordt een stuk weg of een rijbaan soms voor langere tijd afgesloten voor het verkeer.
Naast de termen klein en groot onderhoud worden ook de termen levensduur verlengend onderhoud (LVO) c.q. groot onderhoud (GO) gebruikt. Bij LVO wordt de levensduur van de rechterrijstrook zodanig verlengd dat bij einde levensduur van de linkerrijstrook weer baanbreed onderhoud (GO) kan worden uitgevoerd. De volgende paragrafen beschrijven de twee soorten onderhoud in meer detail.