Heeft u vragen? U kunt ons ook bellen op tel: 0318-695315

Trillingsrichtlijn A - Schade aan bouwwerken: 2017
Deze tekst is gepubliceerd op 07-10-20

Voorwoord

Voor u ligt de revisie van SBR Richtlijn A "Schade aan bouwwerken:2017", met een aantal wijzigingen en toevoegingen ten opzichte van de versie uit 2002 en de heruitgave van 2006 waarin alleen redactionele zaken waren aangepast. De richtlijn is op een aantal punten geactualiseerd en er is ruimte opgenomen voor toelichting op de keuzes die in de richtlijn zijn gemaakt.
In 2011 is geïnventariseerd bij gebruikers van de richtlijn welke behoefte voor aanpassing er was bij een vernieuwde uitgave. Op basis daarvan is een projectplan opgesteld met daarin vier nader uit te werken aspecten: (1) Inzicht in de kans op schade bij overschrijding van de grenswaarden, (2) evaluatie van de grenswaarde voor trillingsgevoelige funderingen, (3) de rol van initiële spanningen en bouwkundige staat en (4) redactie van de nieuwe richtlijn.
Nader inzicht in de optredende waarden voor Vtop en de kans dat er schade optreedt, is van belang voor betrokken partijen om de risico's in te schatten als de grenswaarden uit de richtlijn onverhoopt worden overschreden. Deze inschatting is van belang voor zowel de veroorzaker van de trillingen, eventuele verzekeraars en voor de eigenaar van het bouwwerk dat aan trillingen blootstaat. Uit een internationale literatuurstudie (onder meer naar de effecten van aardbevingen in de vorm van fragility curves) blijkt dat het tot voor kort ontbrak aan concrete informatie om hier generieke uitspraken over te doen.
Binnen de commissie zijn gegevens verzameld van projecten uit het verleden en deze zijn in geanonimiseerde vorm vertaald naar een indicatie van de relatie tussen trillingsniveau en kans op schade. Daarnaast is een numerieke studie uitgevoerd met behulp van in de praktijk gemeten trillingsniveaus. Op basis van deze studies is een voorstel voor een zogenaamde S curve gemaakt. Met de uitkomst van deze studies zijn richtwaarden afgeleid voor de kans op schade, gegeven een overschrijding van de grenswaarden. Deze zijn in de toelichting bij hoofdstuk 10 weergegeven.
De richtlijn geeft een grenswaarde voor trillingsgevoelige funderingen. Voor deze grenswaarde was sinds het ontstaan van de richtlijn een maximaal optredende versnelling van 1 m/s2 van toepassing, die in de richtlijn als trillingssnelheid was gepresenteerd. Recente inzichten leiden tot de conclusie dat deze grenswaarde bij lagere frequenties kan leiden tot onderschatting van het effect. Dit is nader onderzocht en uitgewerkt tot een nieuwe definitie van de grenswaarde.
In de vorige versie van de richtlijn werd onderscheid gemaakt in metselwerk in goede staat of slechte staat, als maat om onderscheid te maken tussen al dan niet trillingsgevoelige constructies. Nagegaan is of er meer genuanceerde criteria toe te passen zijn om dit onderscheid te maken. Dit heeft geleid tot een checklist voor de bepaling van de bouwkundige staat, die als bijlage 5 is toegevoegd.
Er is bij de voorbereiding van deze revisie ook nagedacht of onderscheid gemaakt kan of moet worden tussen constructieve en niet-constructieve schade. Er is besloten dit onderscheid niet te maken omdat de richtlijn beoogt schade te voorkomen.
Tenslotte is de richtlijn redactioneel bewerkt, waarbij een aantal onderwerpen is geactualiseerd.
Tijdens het proces van herziening heeft vanwege de gaswinning en de daarmee gepaard gaande aardbevingen het onderwerp schade door trillingen nadrukkelijk aan belang gewonnen. Hoewel de richtlijn niet expliciet voor geïnduceerde aardbevingen is geschreven, is deze toepassing niet uitgesloten.
Namens de commissie hopen wij dat met deze vernieuwde SBR Richtlijn A de beoordeling van trillingen in verband met schade aan gebouwen helderder is neergezet en daarmee een objectieve beoordeling, in het belang van alle partijen, mogelijk is.
SBRCURnet-commissie 1445 - Herziening Trillingsrichtlijn deel A heeft de ontwikkeling van deze richtlijn begeleid. Bij het verschijnen van deze richtlijn was de samenstelling als volgt:
Chris Geurts, voorzitter
TNO
Carel Ostendorf, eindrapporteur
DPA Cauberg-Huygen
Arnold Koopman, rapporteur
Level Acoustics & Vibration
Paul Hölscher, rapporteur
Deltares
Auke Balder
CRUX Engineering
Erik de Bruin
Brem Funderingsexpertise
Jan van Dalen
DaeD ingenieurs
Geert Degrande
KU Leuven
Harry Dekker
Rijkwaterstaat GPO
Martijn van Delft
Allnamics
Yvo Hollman
Bouwrisk
Jan Hoogenboom
Hektec
Hans Huizer
Peutz
Martin op de Kelder
Gemeente Amsterdam
Jan Keijzer
LBP|SIGHT
Alexander Knibbeler
Mos Grondmechanica
Hans J.A. van Leeuwen
DGMR
Hans Liefting
Leiderdorp Instruments
Tiem Muller
IFCO Funderingsexpertise
Fred Pannekoek
Fides Expertise
Gert Ploeg
Gemeente Utrecht
Angela van Rietschoten
Profound
Hans Schinck
Royal HaskoningDHV
Peter Schouten
Arcadis
Ernst Seaber
Fides Expertise
Henk Senhorst
HWBP
Albert-Jan Snethlage
Fugro Land NL
Herke Stuit
Movares
Jeroen Uilenreef
Shell
Agnes van Uitert
Arcadis
Jan de Vos
Geomet-ABO
Ad Vreeswijk
AV Consulting
Nils Yntema
ProRail
Hielke Zandberg
ProRail
Don Zandbergen
Ingenieursbureau Gemeente Rotterdam
Fred Jonker, programmamanager
SBRCURnet
Tijdens het proces van realisatie hebben de volgende personen deelgenomen in de commissie: Joost Bakker (Allnamics), Albert Bunte (Gemeente Utrecht), Robbert Drieman (SBRCURnet), Paul Rebel (Gemeente Amsterdam), Bert Westland (Delta Lloyd) en Patrick IJnsen (Hektec).
Voor de realisatie van deze richtlijn werden financiële en inhoudelijke bijdragen ontvangen van:
  • Allnamics
  • Brem Funderingsexpertise
  • Deltares
  • DPA Cauberg-Huygen
  • FCK
  • Fides Expertise
  • Gemeente Rotterdam
  • Hektec
  • HWBP
  • Level Acoustics & Vibration
  • ProRail
  • Rijkswaterstaat GPO
  • TNO
  • TKI Deltatechnologie
  • Waternet
SBRCURnet spreekt haar dank uit aan deze instanties, alsmede aan de leden van de commissie, die met veel inzet en enthousiasme hebben samengewerkt aan de realisatie van deze richtlijn.
Delft, november 2017
Fred Jonker
Programmamanager Geotechniek en Bodem
Chris Geurts
Voorzitter SBRCURnet-commissie 1445 - Herziening Trillingsrichtlijn deel A