Doel en toepassing van de BEA
Doel
Het doel van een BEA is om de boom, met de waarde en de functie die hij vertegenwoordigt, een evenwichtige plek te geven in de planvoorbereiding en besluitvorming bij activiteiten in de buitenruimte. In een BEA staan de verwachte effecten van de activiteiten op de boom objectief en onderbouwd beschreven.
Onder een activiteit wordt verstaan elke verandering van de inrichting of het gebruik van de ruimte in de directe omgeving van de boom. Dit kan zowel een tijdelijke als een permanente verandering zijn.
Onder een activiteit wordt verstaan elke verandering van de inrichting of het gebruik van de ruimte in de directe omgeving van de boom. Dit kan zowel een tijdelijke als een permanente verandering zijn.
Essentie van de Richtlijn BEA
De Richtlijn BEA beschrijft hoe de beoordeling van de verwachte effecten moet plaatsvinden. Met behulp van twaalf bouwstenen worden de effecten van de activiteit op de boom en de mogelijkheden om de boom te behouden, nauwgezet onderzocht en onderbouwd.
De vraag of behoud van de boom mogelijk is, bestaat uit twee deelvragen:
Is behoud van de boomtechnische kwaliteit van de boom mogelijk?
Is behoud van de boomtechnische kwaliteit van de boom mogelijk?
- Kan de boom op de huidige standplaats blijven voortbestaan met behoud van minimaal dezelfde restlevensduur, conditie en habitus?
Is behoud van de functie of waarde van de boom mogelijk?
- Kan de boom op de huidige standplaats blijven voortbestaan met behoud van zijn functie of waarde?
Beide aspecten zijn van gelijk belang. Als de boomtechnische kwaliteit behouden kan worden wil dat nog niet zeggen dat dit ook geldt voor alle functies van de boom. Een boom kan door de activiteit bijvoorbeeld zijn waarde voor de natuur grotendeels verliezen. Soms kan de waarde van een boom ook vergroot worden door een activiteit.
Het antwoord op de vraag of behoud van de boom mogelijk is, kent de volgende varianten:
- Ja, onder randvoorwaarden. Hierbij hoort een beschrijving van de randvoorwaarden zoals toegelicht in bouwsteen 11.
- Nee, tenzij het voorgestelde alternatief mogelijk is en onder randvoorwaarden. Hierbij hoort de beschrijving van de alternatieven, zoals toegelicht in bouwsteen 12, evenals een beschrijving van de randvoorwaarden zoals toegelicht in bouwsteen 11.
- Nee, als er geen alternatieven zijn.
Bij alle varianten hoort de onderbouwing die in de bouwstenen 1 tot en met 9 wordt verzameld. Bij de eerste twee varianten hoort altijd ook een beschrijving van alternatieven die de kwaliteit, functie of waarde van de boom versterken, zoals beschreven in bouwsteen 12.
Onder randvoorwaarden wordt verstaan:
- Alle eisen en richtlijnen die noodzakelijk zijn voor behoud. Het gaat hierbij om eisen ten aanzien van voorbereiding, ontwerp, realisatie en oplevering van het geplande project.
Onder alternatieven wordt verstaan:
- Alternatieven in het ontwerp of de werkzaamheden die behoud van de boom alsnog mogelijk maken.
- Alternatieven die de kwaliteit, functie of waarde van de boom versterken.
Met de beantwoording van de vragen wordt objectieve, boomtechnische én beleidsmatige input geleverd voor een evenwichtige en integrale afweging.
Doelgroep
De doelgroep van de Richtlijn BEA zijn alle partijen die zich professioneel met de inrichting en het gebruik van de buitenruimte bezighouden. De richtlijn biedt opdrachtnemers duidelijkheid in de aanpak van een BEA. Opdrachtgevers kunnen bij het opstellen van de uitvraag voor een BEA naar de richtlijn verwijzen, met als gevolg meer zekerheid dat een kwalitatief goede BEA wordt verkregen. Daarnaast is voor gemeenten en juristen toegevoegd hoe de BEA beleidsmatig en juridisch verankerd kan worden.
[ link ]
Een BEA is de aangewezen methode om te beoordelen of een boom te behouden is bij de voorgestelde activiteit.
Toepassing
Een BEA kan zowel voor één boom als voor meerdere bomen worden opgesteld. De BEA is toepasbaar bij alle typen projecten en plannen voor activiteiten. Hierbij kan gedacht worden aan:
- bouw
- sloop
- reconstructie
- herinrichting
- aanleg van rioleringen, kabels en leidingen
- ophogingen of afgravingen
- civiele constructies
- tijdelijke of blijvende verandering van de waterhuishouding
- evenementen
- functieverandering
De Richtlijn BEA kan zowel bij concrete projecten als bij globale plannen worden toegepast. De uitwerking en mate van detaillering van de BEA zullen verschillen, de onderdelen niet.
Het uitvoeren van een BEA is in iedere fase van de voorbereiding of besluitvorming mogelijk, mits er binnen het plan of in de uitvoering ruimte is voor aanpassingen. Soms is nog niet precies bekend op welke wijze een activiteit plaats gaat vinden. In dat geval levert een BEA voorschriften waaraan de activiteit minimaal moet voldoen voor het behoud van de kwaliteit en de functie van de boom.
Hoe eerder een boom in het planproces in beeld komt, hoe beter. In een vroeg stadium zijn weliswaar nog geen concrete ontwerpen beschikbaar waaraan getoetst kan worden, maar kan wel inzicht verkregen worden in de mogelijkheden tot behoud van de boom en de hiervoor benodigde ruimte.
Bij concrete projecten is het uitvoeren van een BEA meestal eenmalig. Bij globale plannen, die vaak een langdurig voorbereidingstraject kennen, is de BEA idealiter een doorlopend advies. Tijdens een dergelijk traject kan de activiteit of het ontwerp nog van vorm of inhoud veranderen. Elke nieuwe fase in het traject die leidt tot verdere concretisering, gaat dan gepaard met een beoordeling of de resultaten van de BEA nog bruikbaar zijn of dat een aanvullende analyse noodzakelijk is.
De hierboven genoemde aandachtspunten worden in hoofdstuk 3 verder toegelicht.
Uitvoerder BEA