Heeft u vragen? U kunt ons ook bellen op tel: 0318-695315

De wegdekcorrectie voor geluid van wegverkeer 2012
Deze tekst is gepubliceerd op 22-09-15

Indeling van wegdekken in categorieën

Het is niet eenvoudig om wegdekken op grond van hun civieltechnische kenmerken inzichtelijk en volgens een sluitend systeem in te delen naar hun akoestische prestaties. Dat komt onder meer doordat de akoestische prestaties van vele, deels samenhangende civieltechnische factoren afhankelijk zijn. Daarnaast speelt mee dat van een aantal wegdektypen de samenstelling en productiewijze algemeen bekend zijn, maar dat van een aantal wegdekproducten de receptuur alleen bekend is bij de desbetreffende producent.
Veel van de algemeen bekende of standaardwegdektypen zijn beschreven in de Standaard RAW Bepalingen 2010 [4] van CROW. Voorbeelden hiervan zijn zeer open asfaltbeton (zoab), tweelaags zoab, steenmastiekasfalt en uitgeborsteld beton. In principe kan elke aannemer deze wegdektypen produceren.
Als hierbij de voorschriften worden gevolgd, zullen de afzonderlijke producties van een bepaald mengseltype initieel vergelijkbare akoestische prestaties leveren. Van een toenemend aantal wegdekproducten zijn de samenstelling en productiewijze echter producentgebonden. Voorbeelden van zulke producten zijn onder meer te vinden in het brede assortiment dunne deklagen. Het gevolg is dat de (akoestische) prestaties van deze producten per productie heel verschillend kunnen uitpakken.
Tabel 1. Categorie­indeling van wegdektypen
Categorie
1)
Toelichting
0 Dicht asfaltbeton (AC surf) (referentiewegdek) Tot deze categorie worden gerekend alle wegdekken die akoestisch vergelijkbaar zijn met het referentiewegdek
2)
, waaronder alle dicht asfaltbetongraderingen en steenmastiekasfalt vanaf korrelgrootte 11 (SMA-NL11 of grover).
1 Zeer open asfaltbeton (zoab) Het betreft enkellaags zoab conform RAW 31.26.04, met een minimale laagdikte van 40 mm. De ontwerp-holle ruimte
3)
moet minimaal 20% zijn.
2 Tweelaags zoab
4)
Tweelaags zoab gekenmerkt door een totale laagdikte van circa 70 mm; de nominale maximale steengrootte van de toplaag is 8 mm.
3 Fijn tweelaags zoab
4)
Tweelaags zoab gekenmerkt door een totale laagdikte van circa 70 mm; de nominale maximale steengrootte van de toplaag is 6 mm.
4a Steenmastiekasfalt SMA-NL5 Wegdek zoals beschreven in RAW 31.26.03. De nominale maximale steengrootte van de toplaag is 5 mm.
2
)
4b Steenmastiekasfalt SMA-NL8 Wegdek zoals beschreven in RAW 31.26.03. De nominale maximale steengrootte van de toplaag is 8 mm.
2
)
5 Uitgeborsteld beton Vereist is een continue gradering met een nominale maximale steengrootte van 22 mm. De uitwasdiepte moet minimaal 1,8 mm zijn.
6 Geoptimaliseerd uitgeborsteld beton
5)
Uitgeborsteld beton met een discontinue gradering en een maximale steengrootte van 8 mm. De uitwasdiepte moet minimaal 1,8 mm zijn.
7 Fijngebezemd beton Vereist is een continue gradering met een nominale maximale steengrootte van 22 mm. Het bezemen dient te gebeuren met een fijne kam.
8 Oppervlakbewerking Hiertoe worden gerekend alle behandelingen en bewerkingen van wegdekoppervlakken (beton en asfalt), zoals afstrooiing
2)
, textuurverbeteraars en prints.
9a Elementenverharding in keperverband Elementenverharding van betonstraatstenen of straatbakstenen in visgraatof keperverband
9b Elementenverharding niet in keperverband Elementenverharding van betonstraatstenen of straatbakstenen niet keperverband.
10 Stille elementen verharding
6)
Geluidsarme elementen met een fijne textuur en poreuze toplaag die in keperverband zijn aangelegd. De wegdekcorrectie is ≤ 0 dB(A) voor lichte motorvoertuigen bij 50 km/h.
11 Dunne deklagen A
6)
Dunne deklaag met een wegdekcorrectie van circa 2-3 dB(A) voor lichte motorvoertuigen bij 50 km/h.
7)
12 Dunne deklagen B
6)
Dunne deklaag met een wegdekcorrectie vanaf circa 4 dB(A) voor lichte motorvoertuigen bij 50 km/h.
8)
1) Aan de categorienaam is alleen een gradering toegevoegd als dit uit akoestisch oogpunt noodzakelijk is.
2) Het afstrooien van wegdekken kan negatieve gevolgen hebben voor de geluidsreductie. Over het algemeen geldt dat er een verwaarloosbaar effect is als de maximale korrelgrootte van het afstrooimateriaal veel kleiner is dan maximale korrelgrootte van het wegdek zelf. Wegdekken die afgestrooid zijn met een grove korrel vallen onder categorie 8.
3) Voor de beschrijving van de holle ruimte zijn diverse methoden in gebruik. In dit geval is uitgegaan van de methode die in de RAW wordt gehanteerd: beschrijving op basis van gewicht.
4) De wegdekcorrecties van tweelaags zoab en fijn tweelaags zoab zijn gebaseerd op 25 respectievelijk 11 SPB-metingen, waaronder 11 respectievelijk 4 recente metingen op de ‘zebravakken’ op de A28 en A30 van het Innovatieprogramma Geluid (IPG).
5) Voor meer informatie over geoptimaliseerd uitgeborsteld beton wordtver wezen naar [5].
6) Deze categorie is moeilijk in termen van materiaaleigenschappen te beschrijven. Daarom is alleen een functionele beschrijving gegeven.
7) In de huidige praktijk betekent dit dunne deklaagconstructies met een dikte van tenminste 20 mm, een ontwerp-holle ruimte tussen circa 5% en 12% en een nominale korrelgrootte van maximaal 8 mm.
8) In de huidige praktijk betekent dit dunne deklaagconstructies met een dikte van tenminste 20 mm, eenontwerp-holle ruimte vanaf circa 12% en een nominale korrelgrootte van maximaal 6 mm.
De gegevens in deze paragraaf zijn bedoeld om in een vroeg stadium van de planvorming aan de hand van berekeningen volgens het daarvoor geldende voorschrift [3] te kunnen bepalen welke variatie in geluidsbelasting mogelijk is, afhankelijk van de keus van een bepaald type wegdek. Voor deze toepassing is de gebruiker het meest gebaat bij een globale indeling die alle soorten wegdekken omvat. Sommige categorieën in tabel 1 zijn gestandaardiseerd volgens de Standaard RAW Bepalingen 2010 [4] of op een andere wijze gedefinieerd. Van de niet-gestandaardiseerde categorieën zijn de materiaaltechnische en/of functionele eigenschappen zodanig omschreven dat de akoestische prestaties niet te ver uiteen kunnen lopen. Daarmee is de verwachting dat een specifiek product binnen een categorie niet meer dan ± 2 dB(A) afwijkt van hetgemiddelde van die categorie en dat producten binnen een categorie geen sterk afwijkend frequentiespectrum vertonen.
Voor de ‘RAW-wegdektypen’ konden de wegdekcorrecties nauwkeurig worden bepaald. Voor wegdekken die niet in de Standaard RAW Bepalingen 2010 [4] zijn vast gelegd, zijn met opzet wat ruimere categorieën gemaakt; hierin vallen groepen van producten met ongeveer dezelfde akoestische eigenschappen. De wegdekken van deze categorieën zijn beschreven op basis van materiaaltechnische en zo nodig functionele eigen schappen. Wanneer een product voldoet aan de in tabel 1 gegeven omschrijving, zou het normaliter de geluidsreductie van de betreffende klasse moeten realiseren. Het is daarom niet nodig om alle eigenschappen van het product vast te leggen.
Er is volstaan met de eigenschappen die nodig zijn om te voorkomen dat de geluidsreductie overschat wordt. De genoemde eigenschappen moeten niet worden opgevat als een complete civieltechnische beschrijving.