Dwarsonvlakheid
Definitie
Dwarsonvlakheid is een verticale vervorming van het dwars profiel van de verharding. Een vervorming met een lengte van minimaal 5 m wordt genoteerd bij dwarsonvlakheid.
Ernst
De ernst van dwarsonvlakheid wordt gemeten met een rei die in dwarsrichting over de verharding wordt geplaatst. De maximale afstand tussen de onderkant van de rei en het wegdek is bepalend voor de ernst van de dwarsonvlakheid (tabel 10).
Tabel 10. Ernst van dwarsonvlakheid bij asfaltbetonverhardingen
| Ernstklasse | Omschrijving |
| Licht (L) | de gemeten afstand is groter dan 10 mmen kleiner dan of gelijk aan 20 mm |
| Matig (M) | de gemeten afstand is groter dan 20 mmen kleiner dan of gelijk aan 30 mm |
| Ernstig (E) | de gemeten afstand is groter dan 30 mm |
Omvang
De omvang van dwarsonvlakheid wordt genoteerd als lengte van schade (in m). Bij de globale inspectie wordt dwarsonvlakheid die, in het dwarsprofiel bezien, voorkomt in beide sporen van het wegvakonderdeel qua lengte slechts eenmaal meegerekend. De hoogste ernstklasse is bepalend. Bij de globale inspectie is de maximale omvang die genoteerd kan worden dus 100 m per 100 m wegvak- onderdeel, voor de maatgevende ernstklasse. Bij de gedetailleerde inspectie wordt alle omvang van alle enstklassen genoteerd.
Dwarsonvlakheid die voorkomt in de verhardingsrand, wordt bij de globale (als facultatieve schade) en gedetailleerde inspectie genoteerd onder randschade.
[ link ]
Figuur 13. Grafsche weergave van dwarsonvlakheid
[ link ]
Figuur 14. Bepaling ernst dwarsonvlakheid bij afhangende randen. De rei volgt het profiel van het wegvakonderdeel.
[ link ]
Figuur 15. Dwarsonvlakheid
Toelichting
Als gevolg van vervormingen in de ondergrond of in de constructie kan op den duur onvlakheid in het dwarsprofiel van de weg ontstaan. Voorbeelden van dwarsonvlakheid zijn:
Als gevolg van vervormingen in de ondergrond of in de constructie kan op den duur onvlakheid in het dwarsprofiel van de weg ontstaan. Voorbeelden van dwarsonvlakheid zijn:
- spoorvorming;
- een sleuf in lengterichting ten gevolge van nazakken van een riolering.
Hoogteverschillen bij scheuren in lengterichting worden bij dwarsonvlakheid op asfaltverhardingen niet beoordeeld. De reden hiervan is dat deze structurele schade reeds bij scheurvorming wordt genoteerd. Hoogteverschillen bij langslassen worden aangegeven bij klein onderhoud of opmerkingen.
Als de maatgevende dwarsonvlakheid ter plaatse van de as van de rijbaan optreedt en de rijbaan in twee wegvak- onderdelen is opgesplitst, dan wordt de dwarsonvlakheid bij beide wegvakonderdelen genoteerd. Deze dwarsonvlakheid wordt in dit geval twee keer genoteerd. De reden hiervan is dat bij het plannen en uitvoeren van onderhouds maatregelen beide beschouwde stroken in het onderhoud worden betrokken.
Dwarsonvlakheid wordt bij voorkeur met een interval van circa 20 m gemeten. In figuur 13 is een voorbeeld gegeven van de wijze waarop dwarsonvlakheid wordt gemeten bij een gedetailleerde inspectie.
Bij verzakte randen wordt de dwarsonvlakheid, rekening houdend met het feit dat de verhardingsrand buiten dwarsonvlakheid valt, bepaald zoals in figuur 14 is weergegeven. Alleen als de dwarsonvlakheid is ontstaan ten gevolge van een verzakking of vervorming, wordt dit genoteerd als dwarsonvlakheid. Als het (dwars)profiel bewust zodanig is aangelegd dat de rand afhangt, moet dit niet als dwarsonvlakheid worden beoordeeld. Een voorbeeld hiervan is een weg die is aangelegd met een ‘tonrond’ profiel.