Oneffenheden
Definitie
Oneffenheden zijn plaatselijk voorkomende, verticale vervormingen van de verharding met een oppervlakte van minder dan 5 m2. De vervormingen treden in de lengte en in de dwarsrichting op.
Oneffenheden zijn plaatselijk voorkomende, verticale vervormingen van de verharding met een oppervlakte van minder dan 5 m2. De vervormingen treden in de lengte en in de dwarsrichting op.
Ernst
De ernst van de oneffenheden wordt gemeten met een rei. De maximale afstand tussen de onderkant van de rei en het wegdek is bepalend voor de ernst van de oneffenheden (tabel 10). De inspecteur plaatst de rei zodanig dat de ernstigste maat wordt genomen. Dit kan zijn dwars over een oneffenheid, maar ook in het profiel van de verharding. Bij grotere oneffenheden kan de ernst niet altijd met de rei worden bepaald. De inspecteur zal dan een inschatting moeten maken.
De ernst van de oneffenheden wordt gemeten met een rei. De maximale afstand tussen de onderkant van de rei en het wegdek is bepalend voor de ernst van de oneffenheden (tabel 10). De inspecteur plaatst de rei zodanig dat de ernstigste maat wordt genomen. Dit kan zijn dwars over een oneffenheid, maar ook in het profiel van de verharding. Bij grotere oneffenheden kan de ernst niet altijd met de rei worden bepaald. De inspecteur zal dan een inschatting moeten maken.
[ link ]
Figuur 11. Bepaling ernst oneffenheden als gevolg van boomwortelopgroei. De rei wordt hierbij als waterpas gebruikt.
Tabel 10. Ernst van oneffenheden bij asfaltbeton verhardingen
| Ernstklasse | Omschrijving |
| Licht (L) 1 | de gemeten afstand is groter dan 5 mm en kleiner dan of gelijk aan 15 mm |
| Matig (M) | de gemeten afstand is groter dan 15 mm en kleiner dan of gelijk aan 30 mm |
| Ernstig (E) | de gemeten afstand is groter dan 30 mm |
| 1) Lichte oneffenheden worden bij fetspaden genoteerd als Matig. | |
Omvang
De omvang van oneffenheden wordt bepaald als het aantal oneffenheden (stuks) en genoteerd in de omvangklassen zoals aangegeven in tabel 11.
Bij fietspaden worden lichte oneffenheden genoteerd als matig. De som van lichte en matige schade bepaalt in dat geval de omvang van de matige schade.
Bij overige wegtypen worden lichte oneffenheden niet geteld en wordt “geen schade” genoteerd indien uitsluitend lichte oneffenheden aanwezig zijn.
Oneffenheden die voorkomen in de verhardingsrand worden genoteerd als randschade.
De omvang van oneffenheden wordt bepaald als het aantal oneffenheden (stuks) en genoteerd in de omvangklassen zoals aangegeven in tabel 11.
Bij fietspaden worden lichte oneffenheden genoteerd als matig. De som van lichte en matige schade bepaalt in dat geval de omvang van de matige schade.
Bij overige wegtypen worden lichte oneffenheden niet geteld en wordt “geen schade” genoteerd indien uitsluitend lichte oneffenheden aanwezig zijn.
Oneffenheden die voorkomen in de verhardingsrand worden genoteerd als randschade.
Tabel 11. Omvang oneffenheden bij asfaltbeton verhardingen
| Omvangklasse | Omvang omgerekend naar 100 m wegvakonderdeellengte |
| Zeer gering Gering Enig Groot | ≤ 3 st > 3 t/m 8 st > 8 t/m 15 st > 15 st |
Toelichting
Schade behorende tot de hoogste ernstklasse is de maatgevende schade. De maatgevende schade met bijbehorende omvang wordt op het schadeformulier genoteerd. Hoogteverschillen bij dwarsscheuren en dwarslassen worden als oneffenheden beoordeeld.
Gaten zijn geen oneffenheden, maar vallen onder klein onderhoud.
Schade behorende tot de hoogste ernstklasse is de maatgevende schade. De maatgevende schade met bijbehorende omvang wordt op het schadeformulier genoteerd. Hoogteverschillen bij dwarsscheuren en dwarslassen worden als oneffenheden beoordeeld.
Gaten zijn geen oneffenheden, maar vallen onder klein onderhoud.
[ link ]
Figuur 12. Oneffenheden asfalt
Het hoogteverschil als gevolg van boomwortelopgroei wordt eveneens als oneffenheden genoteerd. Bij opmerkingen wordt de oorzaak, boomwortelopgroei, vermeld. De ernst van boomwortelopgroei en plaatselijke ophogingen wordt gemeten door de rei met het midden op de oneffenheid te leggen en met de wig aan een van de uiteinden het hoogteverschil te meten. Bij wegen onder een helling, bijvoorbeeld in heuvelachtig terrein, moet de rei niet horizontaal worden gehouden, maar evenwijdig aan de helling van de weg.
Nabij objecten zoals boomkransen kunnen meerdere oneffenheden worden genoteerd, aangezien de oneffenheden voor de verkeersveiligheid in meerdere richtingen een gevaar opleveren. Bij een boomkrans kan in vier richtingen (namelijk aan de vier zijden van de boomkrans) sprake zijn van een oneffenheid. In dit geval worden dus vier oneffenheden genoteerd. Als er aan één zijde sprake is van meerdere schades als gevolg van boomwortel opgroei, worden deze als één oneffenheid geteld.
Oneffenheden bij een inspectieput of een kolk worden altijd maar als één oneffenheid (per put of kolk) geteld.
Tabel 12. Soorten oneffenheden bij asfalt betonverhardingen
| Code | Omschrijving |
| PV PO BP AI RV BW DS BG AK | plaatselijke verzakking plaatselijke ophoging bezweken plek aansluiting inspectieput/kolk ribbelvorming boomwortelopgroei dwarsscheuren boorgaten aansluiting kunstwerk |