Heeft u vragen? U kunt ons ook bellen op tel: 0318-695315

WIU 2020 – Werken op niet-autosnelwegen
Deze tekst is gepubliceerd op 26-06-20

Tijdsduur inzet verkeersregelaars

Het regelen van het verkeer vraagt van de verkeersregelaar een voortdurende alertheid. Naarmate de verkeersintensiteit toeneemt, wordt de inspanning voor de verkeersregelaar groter en neemt de psychosociale belasting toe. Op een druk kruispunt met een hoge verkeersintensiteit kan een verkeersregelaar slechts korte tijd goed functioneren. Ter indicatie zijn in tabel 11 de grenzen aangegeven die kunnen worden aangehouden voor de inzet op de verkeersregelende taak.
Daarnaast moet bij de inzet van verkeersregelaars voldaan worden aan de wettelijk bepaalde rust- en pauzetijden en de beschikbaarheid van hygiënische voorzieningen. De werkgever dient ervoor zorg te dragen dat tijdens deze rust- en pauzetijden de werkzaamheden worden overgenomen door een andere bevoegde verkeersregelaar en dat de verkeersregelaar gebruik kan maken van hygiënische voorzieningen in de nabijheid van het werk.
Tabel 11. Grenzen tijdsduur inzet verkeersregelaars
Intensiteit maximale inzet voorbeelden
Laag intensief 8 uur - wisselstrook die ook zonder verkeerslichten geregeld kan worden, maar waarbij verkeersregelaars om andere redenen dan de verkeersintensiteit worden ingezet;
- kruispunt van twee erftoegangswegen.
Gemiddeld intensief 4 uur - wisselstrook die alleen tijdens de spitsuren met verkeerslichten moet worden geregeld (en tussen de spitsuren zonder verkeerslichten), waarbij de verkeersregelaars worden ingezet of alleen tijdens de spitsuren (voor een betere doorstroming) of alleen tussen de spitsuren (ter voorkoming van onnodige hinder door de verkeerslichtenregeling);
- kruispunt van gebiedsontsluitingsweg en erftoegangsweg (zonder verkeerslichten) of een enkelstrooksrotonde.
Hoog intensief 1 uur - wisselstrook die de hele dag geregeld moet worden met verkeerslichten en waarbij de verkeersregelaars tijdens de spitsuren worden ingezet (voor een betere doorstroming);
- kruispunt van twee gebiedsontsluitingswegen waar in de reguliere situatie het verkeer met verkeerslichten wordt geregeld;
- tweestrooksrotonde of turborotonde zonder verkeerslichten;
- verkeersplein (of rotonde) met verkeerslichten.