Heeft u vragen? U kunt ons ook bellen op tel: 0318-695315

ASVV 2021
Deze tekst is gepubliceerd op 28-10-12

Deelauto’s

Bij het in 1997 ingevoerde concept autodelen, is het gebruik van de auto losgekoppeld van het bezit ervan: een auto wordt gebruikt door meer mensen en is dus in feite een deelauto. Dat kan individueel geregeld zijn, maar ook via een professionele deelauto-organisatie. Speciale deelauto's staan op een centrale plek in een woonwijk of op een bedrijventerrein. Deelnemers aan het systeem kunnen de deelauto's gemakkelijk en naar behoefte gebruiken. Het systeem draagt bij aan een bewust en selectief autogebruik.
De voordelen voor autodelen zijn:
  • Goed toepasbaar in gereguleerde gebieden (nieuwe bewoners krijgen bijvoorbeeld geen parkeervergunning).
  • De deelnemers kunnen de auto gemakkelijk en dicht in de buurt ophalen en wegbrengen
  • De deelauto heeft speciale herkenbare parkeerplaatsen.
  • Uitvoering van deelautoconcept is ook te combineren met elektrisch rijden (volledig elektrische voertuigen). Als de auto gestald is, wordt deze tegelijkertijd opgeladen. Het draagt tevens bij aan het ervaren van het gebruik van elektrisch rijden.
Bij het gebruiken van een deelauto blijft de individuele mobiliteit van autodelers gewaarborgd, terwijl het autogebruik en het autobezit daalt. Gebruikers van een deelauto stappen sneller over op andere vormen van vervoer, zoals de fiets en het openbaar vervoer. Er is minder ruimte nodig voor parkeergelegenheid en niet-autobezitters hebben juist met autodelen de mogelijkheid een auto te gebruiken. De positieve effecten van deelautoprojecten op mobiliteitsgedrag, milieu, ruimte en leefomgeving zijn duidelijk en door onderzoeksgegevens bevestigd. Het autodelen heeft inmiddels een belangrijke positie verworven, gezien de flinke toename tot 2019. Voorbeelden hiervan zijn Green Deal-autodelen en City deal.
Met deelauto’s kan een gemeente een gunstige invloed uitoefenen op de automobiliteit en het woon- en leefklimaat. Het is daarmee een kansrijk instrument voor verschillende beleidsvelden, zoals verkeer, ruimtelijke ordening en milieu. Het kan worden opgenomen in het integraal verkeers- en vervoersbeleid als middel in het mobiliteits- en parkeerbeleid. Omdat de ruimte die wordt gewonnen door de afname van het aantal auto's kan worden gebruikt voor andere doeleinden, bieden deelauto’s kansrijke aanknopingspunten in het ruimtelijke-ordeningsbeleid. Tevens bieden deelauto’s kansen bij nieuwbouwlocaties en de herinrichting of het autoluw maken van wijken. Autodelen past goed in het milieubeleid omdat het zorgt voor belangrijke gunstige milieueffecten, zoals minder uitstoot van vervuilende stoffen en minder energieverbruik en omdat het bijdraagt aan een beter leefmilieu van de directe woonomgeving.
Van elektrische mobiliteit wordt veel verwacht. Daar wordt beleid voor gemaakt voor auto’s, fietsen en openbaar vervoer. Een stimuleringsmaatregel is het reserveren van speciale laadplekken; het omzetten van enkele ‘normale’ parkeerplaatsen in plekken voor elektrisch laden.
Om deelautogebruik in te voeren, kan aansluiting worden gezocht bij bestaande aanbieders van deze dienst. Ter voorbereiding op het in praktijk brengen, is het belangrijk te controleren of de mogelijkheden van de aanbieder(s) aansluiten op de beleidsdoelstellingen van de gemeente en op de wensen van de potentiële gebruikers. Dit is de belangrijkste voorwaarde om het gebruik van deelauto’s te laten slagen. De volgende vragen zijn hiervoor interessant:
  • Hoe groot is de potentiële vraag naar deelauto’s in de gemeente?
  • Wat kan de gemeente met deelauto’s: welke voordelen hebben ze en hoe wordt het project in het gemeentelijk beleid ingebed?
  • Welke middelen zijn daarvoor beschikbaar, in de vorm van tijd, budget en kennis?
  • Welke rol wil de gemeente spelen, afhankelijk van hoeveel invloed de gemeente wil hebben op de invulling van het deelautogebruik?
  • Welke partijen moeten erbij worden betrokken (zoals aanbieders en gebruikers van deelauto's en facilitaire organisaties) en hoe zijn de rollen verdeeld?
  • Welke vorm krijgt het deelauto-initiatief?
  • Welke overlegvorm wordt gekozen en hoe krijgt het inspraaktraject vorm?
  • Welk tijdspad wordt aan het project verbonden, met een begin- en einddatum voor het project en een proef- of introductieperiode die al dan niet overgaat in een vervolg?
  • Hoe wordt de praktische invulling geregeld zoals de fysieke standplaatsen en de bemensing, maar ook de mogelijkheden voor inschrijving, communicatie en promotie?
Na de introductie van het deelautoconcept zijn inmiddels enkele initiatieven uitgevoerd (bijvoorbeeld Green Deal-autodelen). Doel van dit initiatief is om autodelen verder te versnellen en voor alle partijen (gebruikers, leverancier en overheid) voldoende interessant te maken.