Uitvoeringskosten
Figuur 10.1. Brug met bijzonder hekwerk
Tijdens de levensduur worden de kosten van een brug bepaald door de realisatiekosten en de onderhoudskosten. Bij beide kostentypen speelt het brugontwerp een doorslaggevende rol.
Een investering in een onderhoudsarme brug kan zich terugverdienen gedurende de levensduur.
Een investering in een onderhoudsarme brug kan zich terugverdienen gedurende de levensduur.
De kosten van een brug verschillen sterk per project. Ze zijn afhankelijk van allerlei aspecten, zoals:
- de afmetingen
- de overspanning(en)
- de steunpunten
- de constructie
- het brugtype
- de materialen
- de contextaspecten, zoals grondaankoop of voorzieningen voor kabels en leidingen
- het benodigde onderhoud
Constructie
Een eenvoudige constructie van standaardliggers brengt vaak de laagste kosten met zich mee. Door deze te combineren met een bijzonder hekwerk, een speciaal ontworpen randligger of een bijzonder tussensteunpunt, ontstaat een eigenzinnig ontwerp tegen relatief lage kosten.
Aantal steunpunten
Soms levert een vermindering of toename van het aantal steunpunten kostenbesparing op. Zijn er voor de fundering bijvoorbeeld lange heipalen nodig, die relatief duur zijn, dan is het voordeliger zo min mogelijk steunpunten te gebruiken. Maar bij eenvoudige, op staal gefundeerde steunpunten is het juist weer economischer te kiezen voor meer steunpunten. De kosten van de extra fundering wegen dan op tegen de besparing die een lichtere brugconstructie met zich meebrengt.
Bij grotere overspanningen, vanaf circa 15 m, kan het ook lonen te kijken naar brugtypen met een meer efficiënte constructie, zoals vakwerkliggerbruggen, boogbruggen of tuibruggen. Bij dergelijke bruggen kan het brugdek doorgaans slanker zijn, terwijl de overspanning groter is en er minder of geen steunpunten nodig zijn. Minder materiaal betekent lagere kosten.
Bij grotere overspanningen, vanaf circa 15 m, kan het ook lonen te kijken naar brugtypen met een meer efficiënte constructie, zoals vakwerkliggerbruggen, boogbruggen of tuibruggen. Bij dergelijke bruggen kan het brugdek doorgaans slanker zijn, terwijl de overspanning groter is en er minder of geen steunpunten nodig zijn. Minder materiaal betekent lagere kosten.
Modulaire opbouw
Bruggen die bestaan uit een aantal gelijke modules zijn doorgaans economischer te produceren dan bruggen met allemaal unieke onderdelen. Repetitie, het gebruik van zo veel mogelijk dezelfde onderdelen, kan tot op zekere hoogte leiden tot kostenbesparing.
Projectgrootte
Ook seriegrootte kan leiden tot lagere kosten per brug. Wanneer een project bestaat uit drie of meer identieke bruggen levert dat doorgaans een kostenbesparing op van zo’n tien procent. Toch moet dit effect niet worden overschat, want de verhouding tussen herhalingsfactor en projectgrootte speelt een grote rol. Een klein project met veel herhaling zal vanwege het relatief grote aandeel vaste kosten per vierkante meter toch duurder zijn dan een groot project.
Onvoorziene kosten
In deze ontwerpwijzer zijn diverse situaties aan bod gekomen die tot extra kosten kunnen leiden tijdens de uitvoering en bouwvoorbereiding. Soms is met dergelijke scenario’s geen rekening gehouden en volgt een onaangename verrassing. Om dit te voorkomen hier een beknopt overzicht van extra kostenposten die geregeld over het hoofd gezien worden:
- saneren van verontreinigde grond, inclusief aanmelden bij en overleg met bevoegd gezag;
- omleggen van kabels en leidingen;
- zwaarder uitvoeren van de brug om deze toegankelijk te maken voor de noodzakelijke hulp- of onderhoudsvoertuigen of onbedoelde voertuigen;
- aankopen van grond om ruimte te krijgen voor aanleg van een benodigde hellingbaan;
- aanleggen van bekabeling voor bediening op afstand van een beweegbare brug;
- verbreding van het brugdek ten opzichte van de normen wegens specifieke eisen vanuit gebruikers (bijvoorbeeld op toegangsroute naar een school of bejaardenhuis);
- vormgevingswensen die grote gevolgen hebben voor de constructiewijze (zie voorbeeld 1);
- een-op-een van toepassing verklaren van normen en richtlijnen zonder hier de gevolgen van te overzien (zie voorbeeld 2).
Voorbeeld 1
Uit stedenbouwkundig oogpunt wil de opdrachtgever een slank brugdek (bijvoorbeeld 1 : 30) en zo min mogelijk steunpunten. De combinatie van deze eisen leidt voor een verkeersbrug tot hoge uitvoeringskosten.
Een kostenbesparing is te behalen door een van de eisen te versoepelen, bijvoorbeeld de eis voor ‘zo min mogelijk’ steunpunten. Met iets meer steunpunten is het beoogde slanke brugdek tegen lagere kosten te realiseren.
Een kostenbesparing is te behalen door een van de eisen te versoepelen, bijvoorbeeld de eis voor ‘zo min mogelijk’ steunpunten. Met iets meer steunpunten is het beoogde slanke brugdek tegen lagere kosten te realiseren.
Voorbeeld 2
De opdrachtgever wil dat de normen en richtlijnen strikt worden opgevolgd. Er zijn echter diverse uitzonderingen op de regel mogelijk. Zo mag voor bruggen langer dan 10 meter een lagere verdeelde belasting worden gerekend als wordt aangegeven dat het zeer onwaarschijnlijk is dat er ooit een mensenmenigte op de brug komt. Rekenen met een lagere belasting betekent in dat geval een flinke kostenbesparing.