Sto(m)p/stoep
Het in Vlaanderen ontstane STOP-principe (Stappen – Trappen – Openbaar vervoer –Privéauto) geeft in het ontwerpproces prioriteit aan duurzame mobiliteitsvormen en minder prioriteit aan minder duurzame vormen. Hierdoor komen de duurzame mobiliteitsvormen meer centraal in het ontwerpproces te staan en worden vaker keuzes gemaakt in het belang van deze duurzame vormen van vervoer. Later is in Nederland de M toegevoegd die staat voor MaaS (Mobility as a Service) waarmee onderscheid is gemaakt in deelmobiliteit en privéauto. In het STOMP-principe staat de voetganger op de eerste plaats in het ontwerpproces, omdat dit de meest duurzame vorm van mobiliteit is. Dit is een vorm van ‘omgekeerd ontwerpen’, omdat van oudsher de auto vaak als eerste wordt ingepast in ontwerpopgaven. In de CROW-handreiking ‘Toepassen STOMP’ staat meer informatie over het toepassen van STOMP bij duurzame gebiedsontwikkeling (). Het bevat een stappenplan waarbij vijf opeenvolgende stappen worden doorlopen. Bij elke stap horen vragen, de antwoorden op die vragen zijn relevant voor een goede planvorming. De stappen kunnen op elk schaalniveau worden uitgevoerd (van beleid tot inrichting). De STOMP-methode is een iteratief proces, waarbij de wensbeelden voor de modaliteiten steeds verder worden geoptimaliseerd. Het stappenplan is uitgewerkt in figuur 5.6.
| Stap 1 | S | Stappen (voetganger) | Hoe een gebied op te zetten waarin veel voorzieningen binnen loopafstand zijn? Hoe de openbare ruimte in te richten voor aantrekkelijke looproutes en verblijfsruimtes? |
| Stap 2 | T | Trappen (fietser) | Aansluiten van het fietsroutenetwerk op bestemmingen en voorzieningen. Inpassen van directe en comfortabele fietsroutes |
| Stap 3 | O | OV (openbaar vervoer) | Hoe een gebied aan te sluiten op het ov-netwerk? Hoe kunnen ov-voorzieningen en gebiedsfuncties gecombineerd worden? Wat betekent dit voor de inrichting van ov-routes en ov-haltes van/naar en in het gebied? |
| Stap 4 | M | MaaS (Mobility as a Service) | Welke vormen van MaaS worden in het gebied aangeboden? Welke mobiliteitsdiensten worden aan gebruikers aangeboden? Waaar komen hubs met deelfietsen en deelauto's? |
| Stap 5 | P | Privéauto | Hoe de privéauto zo te positioneren dat andere mobiliteitsvormen aantrekkelijker zijn (zonder 'autootje pesten')? Op welke wijze moet het gebied (en deelgebieden) bereikbaar zijn voor de privéauto? Hoe de parkeervoorzieningen in het gebied te positioneren |
| Figuur 5.6. De stappen van STOMP in planproces van gebiedsontwikkeling (CROW, 2023a) | |||
Elk van deze stappen biedt inzicht in de wensen en vraagstukken voor elke modaliteit. Door de resultaten van de vijf stappen ‘over elkaar heen te leggen’, ontstaat een integrale bereikbaarheidskaart (op netwerkniveau) of een integraal beeld van de openbare ruimte van een straat.
De stap MaaS levert in de praktijk discussie op. Commerciële MaaS-aanbieders hebben bijvoorbeeld minder belang bij het stimuleren van lopen en focussen zich op het financiële aspect van vervoer. Wel kan MaaS zorgen voor het vergemakkelijken en stimuleren van verplaatsingen over verschillende modaliteiten en kan deelmobiliteit een grotere prioriteit geven dan de privéauto. Er wordt daarom ook wel gesproken van het STOEP-principe, waarbij de E staat voor het elektrische deelvoertuig. Bijkomend voordeel is dat deze benaming een positievere uitstraling heeft.