Voetgangers in de voorrang
Op voetgangersoversteekplaatsen (zebrapad) krijgen voetgangers voorrang op trams en ander verkeer. Een correcte inpassing en goede zichtlijnen tussen trambestuurder en voetganger zijn belangrijk om een veilige verkeerssituatie te creëren. De massaverschillen zijn groot: bij een conflict tussen tram en voetganger zal de tram geen tot weinig schade ondervinden, terwijl de voetganger (ernstig) gewond kan raken. Voetgangers zullen daarom inhouden bij een naderende tram en pas oversteken als zij er zeker van zijn dat de tram op tijd tot stilstand komt om voorrang te verlenen.
Bij het toepassen van voetgangersoversteken gelden twee belangrijke aandachtspunten voor de verkeersveiligheid:
- Op een voetgangersoversteek gelden andere voorrangsregels dan op een oversteek die gemarkeerd is met kanalisatiestrepen. Afhankelijk van de complexiteit van de verkeerssituatie, is het verschil voor weggebruikers niet altijd even duidelijk. Wanneer beide vormen op dezelfde weg en op beperkte afstand van elkaar voorkomen, kan onduidelijkheid ontstaan onder weggebruikers wie nu wel of geen voorrang heeft.
- Leg geen voetgangersoversteekplaats aan op locaties zonder voorrangsregeling waar ook ander verkeer de trambaan oversteekt. Bij een passerende tram hebben voetgangers voorrang op de tram, maar heeft de tram voorrang op de overstekende fietsers of motorvoertuigen. Voor weggebruikers creëert dit onduidelijkheid.